VERSLAG  
  SINT NICOLAAS ACADEMIE, 18 oktober 2008  
         
 

  JEZUS VAN NAZARETH

DOOR PAUS BENEDICTUS XVI    

 
           
   

 
         
 

   Dit bekende pausboek is vooral het werk van Joseph Ratzinger, volgens dr. A.J.T. van den Hout in zijn lezing voor de Sint Nicolaas Academie op 18 oktober. Priester dr. Van den Hout is vice-officiaal van het bisdom Haarlem, gespecialiseerd in canoniek recht en klassieke talen, docent aan het seminarie te Vogelenzang.

   Als opvolger van Petrus voelt de paus zich geroepen ook zijn licht over de Zoon van God te laten schijnen. Het is een eenvoudig en persoonlijk boek, geen uitdrukking van het leergezag. Wat de auteur beweegt, is de innerlijke vriendschap met Jezus. Verheldering van de grote geheimen rond diens persoon heeft hij zich tot doel gesteld. De traditie tonen, de oude waarheid naarboven halen en de samenhang in de reconstructie van zijn leven en leer zijn de zaken waar het om gaat. Het zogeheten historisch-kritische onderzoek van de theologen heeft, volgens de paus, een afstand aangebracht tussen ons en Jezus. We mogen echter nooit vergeten dat we te maken hebben met werkelijk gebeurde dingen, met ware feiten, en niet met "verhalen" met enkel symbolische betekenis. De evangeliën laten ons de historisch werkelijke Jezus zien. De samenhang tussen het Oude en het Nieuwe Testament wordt gepersonifieerd door de figuur van de profeet. Mozes, de grootste profeet van het Oude Verbond, verwijst naar Jezus, de nieuwe profeet, die door zijn eenheid met de Vader alle voorafgaande en komende profeten overtreft.

   De paus begint zijn boek met het Openbaar Leven van Jezus. (Aan het zogenaamde kindheidsevangelie zal hij later een tweede deel wijden.) Bij de doop in de Jordaan betoont Jezus zich gehoorzaam, hoewel Johannes de Doper ziet dat hijzelf  aan zijn dopeling zou moeten gehoorzamen. Maar Jezus laat het zo gebeuren omdat de tijd de ware betekenis van zijn handelwijze zal duiden. Zijn onderworpenheid hier is een verwijzing naar zijn verlossend lijden straks. Jezus treedt hier al in de plaats van de zondaars. Het Lam Gods dat de Doper in hem ziet, is voorafschaduwd door het schaap dat zich gedwee naar de slachtbank laat leiden zoals gezien door de oudtestamentische profeet. De doop in de Jordaan, zegt de paus, is veel meer dan een roepingservaring – zoals de liberale exegeten beweren. Die beschouwen Jezus te veel, ten onrechte, als een gewoon mens. Maar men moet altijd zijn goddelijk zoonschap voor ogen houden.

   Het tweede hoofdstuk behandelt Jezus in de woestijn bij de drie bekoringen door de duivel. De duivel treedt op als theoloog en daagt Jezus uit zijn goddelijke almacht voor ieders oog, onmiskenbaar te manifesteren. Maar wij mogen God niet tot object van ons onderzoek maken. Dat laatste is precies wat de Antichrist doet.

   De verkondiging van het Rijk Gods (derde hoofdstuk) is te zien vanuit het perspectief dat Jezus zèlf dat koninkrijk is, dat in hèm de tijden tot vervulling zijn gekomen. Het vierde hoofdstuk betreft de leer van Jezus, zoals bijvoorbeeld blijkt uit de Bergrede, het Onze Vader en de parabels. In die laatste vorm openbaart Jezus zich als Zoon van de Vader naar de mens toe. De zaligprijzingen zijn een innerlijke biografie, een profiel van zijn persoon met richtlijnen voor de mens. Het is een misvatting om de historische Jezus te scheiden van de kerkelijke dogma’s. Jezus brengt zichzelf als het Woord Gods.

   Uitleg van het Onze Vader bestrijkt het vijfde hoofdstuk Vanuit de hemel houdt dit gebed ons voor hoe wij als mensen moeten uitgroeien. Hoofdstuk zes gaat over Jezus’leerlingen, over hoe hij ze afbad. Hoofdstuk zeven gaat dieper in op de gelijkenissen van de Barmhartige Samaritaan, de Verloren Zoon en de Rijkaard versus Lazarus. De beelden van water, brood, herder en wijnstok komen we uitgewerkt tegen in het achtste hoofdstuk. Het negende gaat uit van de Gedaanteverandering op de Berg Tabor en behandelt de erkenning van Jezus door Petrus als de Christus, de Zoon van de levende God, die na zijn verheerlijking de weg moet gaan van het lijden en de kruisdood. De erkennende belijdenis van Petrus is gekoppeld aan de joodse Grote Verzoendag, Yom Kippur, zoals de Gedaanteverandering zou samenvallen met het Loofhuttenfeest, Sukkot. In dat laatste geval, wil Petrus drie tenten of hutten bouwen voor Jezus, Mozes en Elia. Nu echter is het Woord vlees geworden, en komt het zijn tent opslaan onder ons. De verklaringen van Jezus over zichzelf, over zijn betrekking tot de Vader, vormen het slothoofdstuk. God is nooit alleen in zichzelf, benadrukt de theoloog Joseph Ratzinger. De relatie Vader-Zoon overkoepelt het Oude en het Nieuwe Testament, en maakt beiden tot een eenheid.

   Het Jezusboek van de paus – luidt de conclusie van dr. Van den Hout  - getuigt van kennis en geleerdheid. De canonieke exegese die hij bedrijft is geenszins in tegenspraak met de kritisch-historische methode. De paus wil overtuigen, bijdragen tot geloofsvreugde, dienstbaar zijn aan de vorming van het katholieke geloof als een doordacht geloof. 

                                            ************ 

Was er scheiding tussen Joseph Ratzinger en Paus Benedictus XVI?, luidde de eerste vraag.

Nee. De paus zelf ziet het liefst continuïteit tussen wie toen was en wie hij nu is.

           

Als God gewild had, had hij net zo goed uit een gewoon huwelijk geboren kunnen worden. Dat staat in een vroeger boek van kardinaal Ratzinger, De Kern van Ons Geloof. In een nieuwe uitgave van dat boek, blijft die uitspraak gehandhaafd. Hoe is dat mogelijk?

Ja, dat is een goede vraag. Ik neem aan dat in een volgende uitgave deze tekst zal worden herroepen.

 

Hoe hebben de kritische theologen op het boek van de paus gereageerd?

Er is geen oppositie van betekenis gekomen.

 

de voorzitter

 

 
    Terug