| VERSLAG | |||||
| SINT NICOLAAS ACADEMIE, 20 februari 2010 | |||||
|
DE SINT- PETRUSBROEDERSCHAP pater Martin Kromann Knudsen |
|||||
|
|
|||||
|
Hoe het ontstaan van de Sint Petrus Broederschap samenhangt met het eerdere ontstaanvan de Sint Pius X-Broederschap, is wat pater Knudsen aan het begin van zijn lezing duidelijk maakt. Mgr. Marcel Lefebvre, missiebisschop en apostolisch nuntius in Afrika, verzette zich tegen de modernistische tendensen van het Tweede Vaticaans Concilie, hoewel hij alle dogmatische constituties van dat concilie had ondertekend. In 1969 stichtte hij met goedkeuring van de H. Stoel de Broederschap van Pius X in het Zwitserse Ecône. Daar werden priesters opgeleid volgens de traditie. Tot 1975 bleef de verhouding met het Vaticaan goed. Het jaar daarop werd Lefebvre gesuspendeerd. Hij mocht geen priesters meer opleiden en hij diende op te houden met de Tridentijnse Liturgie. De seminaristen van Ecône moesten hun opleiding afmaken in Rome. Hiermee begint het voorspel dat tot oprichting van de Petrusbroederschap zal leiden. In 1988 barstte de bom. Om het voortbestaan van zijn broederschap te waarborgen, wijdde Lefebvre vier van zijn priesters tot bisschop. Tegen de uitdrukkelijke wil van de paus. Lefebvre zag in de onwil van Rome een poging om zijn stichting te vernietigen. Hij werd geëxcommuniceerd en ging zijn eigen weg. Totdat in 2009 door paus Benedictus XVI de excommunicatie werd opgeheven, maar niet de suspensie. Het is uiterst onwaarschijnlijk dat de gesprekken die sindsdien zijn opgestart tussen vertegenwoordigers van het Vaticaan en de Pius X Broederschap tot overeenkomst zal leiden. De Petrus Broederschap is in 1988 met goedkeuring van Rome opgericht als gehoorzame tak van de traditie onder leiding van de generaal-overste Josef Bisig. Het moederhuis valt onder het Beierse bisdom Augsburg in het bedevaartsdorpje Wigratzbad. Momenteel zijn daar zeventig priesters in opleiding, en op het Amerikaanse seminarie in Denton (Wisconsin) volgen zo’n tachtig kandidaten de weg naar het priesterschap. De opleiding duurt zeven jaar en het doel is de vorming van priesters die zich houden aan de Tridentijnse Liturgie, zoals die voor het laatst werd geformuleerd in het missaal van 1962. Deze liturgie gaat, zoals de naam zegt, terug op het Concilie van Trente en de mistekst van 1570 van paus Pius V. Doch in iets gewijzigde vorm is deze liturgie al te vinden in de Vijfde en Zesde eeuw. Dat deze oude liturgie sinds Vaticaan II een stiefkind is geworden, vindt pater Knudsen diep betreurenswaardig. De ware liturgie groeit mee met de tijd, met kleine aanpassingen, zoals een boom. Gelukkig heeft paus Benedictus XVI middels zijn Motu Propio de Tridentijnse Mis weer recht van bestaan gegeven. Maar de Novus Ordo blijft vooralsnog de norm. Pater Knudsen heeft daar geen bezwaar tegen, mits men zich daar dan ook aan houdt. Dat de mis voor een deel in volkstaal wordt gevierd, is niet bezwaarlijk. Bezwaarlijk zijn de experimenten, waarin Nederland vooropliep. De actieve deelname van degenen die de mis bijwonen, is evenmin een probleem. Een probleem heb je wel wanneer de contemplatieve of ingetogen kant van het misoffer inboet. Nog erger is wanneer het offerkarakter van de H. Mis wordt overschaduwd door het louter maaltijdkarakter. Te betreuren zijn het op de achtergrond raken van de aanbidding sinds het concilie, de substantiële veranderingen in de liturgie en het gedogen daarvan door bisschoppen. In de traditionele liturgie zijn de verheerlijking van God en de geloofsbelijdenis verdisconteerd. De Kerk moet eenheid tonen tussen haar verschillende tijdperken. Geen veranderingen, maar continuïteit. Verwerpelijk is het idee dat er nieuwe openbaringen zouden zijn die veranderingen rechtvaardigen die in strijd zijn met de traditie. Een recent voorbeeld daarvan is de brochure Kerk & Ambt van de dominicanen, waarbij parochies het recht opeisen om zelf pastores te benoemen. De Sint Petrus Broederschap streeft in haar priesteropleiding naar een samengaan van vroomheid en wetenschap. Geloof en rede horen te harmoniëren. De opleiding duurt zeven jaar, en in het eerste jaar valt de nadruk op het sprirituele. De priesters blijven over het algemeen binnen het seminarie, met twee maal per week wandelen en uitstapjes op het platteland. In het tweede jaar begint men met filosofie, met name de leer van Sint Thomas van Aquino. Daarna komen wetenschap en theologie. In de laatste jaren bestudeert men de verschillende theologische disciplines en het kerkelijk magisterium. Het Tweede Vaticaans Concilie (1962-65) krijgt binnen de priesteropleiding van Sint Petrus weliswaar aandacht, maar alleen voor zover het in het licht staat van de vele andere concilies. Een probleem van Vaticaan Twee is dat de conciliedocumenten opzettelijk dubbelzinnig, of soms zelfs voor drieledige uitleg vatbaar zijn. Een van de heikelste punten van het concilie is de godsdienstvrijheid, en hoe die te rijmen met de Ware Godsdienst. Wij moeten niet de Kerk redden, de Kerk moet ons redden.
***
Tijdens de vragen stelt pater Knudsen dat Mgr. Lefebvre gehandeld heeft uit noodzaak, met de hoop dat hij eens in ere zal worden hersteld. De tijd zal dingen duidelijk maken die nu nog in nevelen zijn gehuld. Houdt de Petrus Broederschap zich ook met maatschappelijk werk bezig? Nee. Zij richt zich vooral op kinderen en gezinnen, katechese, vakantiekampen, pelgrimage, geestelijke oefeningen, retraites. De situatie van de gelovigen nu verschilt radicaal van die van vroeger. De invloed van de Rooms-Katholieke Kerk op Europa is sinds de Tweede Wereldoorlog in snel tempo verdwenen.Het sociale vangnet, de zuil is weggevallen, en de gelovige staat er alleen voor. Het democratisch proces in de maatschappij heeft tot gevolg gehad dat ook de Waarheid gedemocratiseerd is, dat de theologie zich niet meer om het leergezag bekommert. De Kerk is een geestelijke ruïne geworden. En de huidige samenleving is vergiftigd door de zonde van de begeerlijkheid, of tegen de kuisheid. Pater Knudsen deelt de fundamentele kritiek van de Oostenrijkse kardinaal Alfons Maria Stickler, van tien jaar geleden, op de ravage die het humanisme in de liturgie van Vaticaan II heeft veroorzaakt. de voorzitter
|
|||||
| Terug | |||||