| VERSLAG | ||||
| SINT NICOLAAS ACADEMIE, 20 JANUARI 2007 | ||||
|
|
![]() |
|||
|
De woestijn als bron van inspiratie luidde de titel van de “preek” waarmee de pastoor van de Amsterdamse Sint Nicolaas kerk op 20 januari het voorjaarsprogramma van 2007 van de Sint Nicolaas Academie opende. Die pastoor is de voormalige deken, monseigneur Joop Stam. Zeventien jaar werkte hij als priesterarbeider en bedrijfsaalmoezenier bij o.a. de Hoogovens. Daar, alsook in het machinistenmilieu op het Centraal Station leerde de arbeiderszoon die Joop Stam was wat er op de werkvloer passeert om vervolgens in de Indische Buurt het verval van het parochiële leven mee te maken, alsmede de sloop van de Gerardus Majella kerk. Ten slotte kwam hij via de Anna en Bonifatius kerk en Oud West terecht bij de Sint Nicolaas kerk naast het Centraal Station. De smaak van stadsleven zou zijn loopbaan als parochieherder bepalen. In juni 2004 nam hij deel aan de tweede manifestatie van diverse godsdiensten onder het vaandel “Met hart en ziel”. Zeventig kerken, moskeeën, synagogen en andere gebedshuizen openden hun deuren om te laten zien wat zich daarachter afspeelt. Onder de lampen van o.a. de Turkse en de Marokkaanse televisie kwamen de toegestroomde belangstellenden tot de conclusie dat men te weinig van elkaars religies weet, met als gevolg een te grote gevoeligheid voor door de pers verspreide vooroordelen. De contacten die door de manifestatie ontstonden leidden tot een bundeling van krachten en voortgezette gesprekken. Onder het motto “heb eerbied voor iedereen, ook voor wie niet naar lelies ruiken” benaderden de gesprekspartners de zeer gecompliceerde sfeer van het Amsterdamse leven met zijn meer dan 170 nationaliteiten, zijn stille armoede, verschoppelingen en wanhopigen. Wat is christen zijn in deze tijd? Hoe het hoofd te bieden aan de vele negatieve ontwikkelingen, de sluiting van kerken, de verdwijning van het christendom in Europa. Wat te doen als laatst overgebleven christenen in de “woestijn” van de grote stad. In de H. Schrift figureert de woestijn vaak als plaats van loutering en doortocht. Joop Stam aarzelt niet het woord “leerschool” te gebruiken. De omgang met de meest uiteenlopende mensen, godsdienstig of niet, inheems of allochtoon, depressief of verslaafd noopt ons vooral te luisteren, aandacht te hebben vanuit het besef dat in ieder mens, wie of wat hij of zij ook is, iets moet zijn wat van God komt. Er is vooral veel eenzaamheid en geestelijke armoede, maar daar moeten we niet voor weglopen. We moeten in de spiegel van de woestijn durven kijken, want wat er in die woestijn is dat zijn wij ook. Pas als we ons openstellen voor die realiteit kunnen wij openbloeien voor de geest van God. Opvallend is hoeveel goed opgeleiden de zin van hun leven niet meer zien. De wetenschap maakt ons wijs dat God dood is (Nietzsche), of dat God slechts een projectie is van onze behoeften (Feuerbach). Religie zou geen programma hebben om de maatschappij te verbeteren, geen therapie om het geluk te bereiken of de mensenrechten te garanderen. Maar dat is ook niet de taak van religie. Waar het om gaat, zijn vragen als: wie zijn wij, hoe zijn wij, waar komen we vandaan, waar gaan we heen. Religie overschrijdt grenzen en werpt zich in het mysterie van God. En God blijkt ongrijpbaar, letterlijk: niet te begrijpen, niet te omvatten. In de H. Schrift verandert zijn Naam naar gelang de situatie, of zoals Teresa van Avila zegt: God is als een diamant die ons telkens een ander facet laat zien. Hij is aanwezig in ieder mens, en daarom alleen al past ons eerbied voor onze naaste. Gewond lopen wij rond in de woestijn, verlangend naar genezing, naar het Beloofde Land. Wij moeten het aandurven om de onmacht met elkaar te delen. In de woestijn leer je jezelf te relativeren. Tegenwoordig – besloot pastoor Stam – zien we weer jonge mensen die bewust in de kerk willen trouwen, of hun kinderen willen laten dopen. Er is een diep verlangen naar ervaringskennis, te onderscheiden van puur intellectuele kennis. Na afloop is het gebruik dat mensen vragen stellen. Wat vindt pastoor Stam van de grondwet van Europa zonder God, zonder het christendom? Wat kunnen wij persoonlijk doen om het leven in de stad te verbeteren? Wat te denken van het verval van het kerkelijk leven, de devaluatie van Maria, het priestertekort. Een van de aanwezigen vertelt hoe een Marokkaanse buurman de rozenkrans van haar Mariabeeld afhaalde en het kruisje eraf brak. Een ander wijst erop dat Maria een rol zou kunnen spelen in de dialoog met de moslims. Weer een ander klaagt over het gebrek aan steun van de katholieke theologen en benadrukt het belang van grote traditionele schrijvers als Irenaeus en Augustinus, onlangs gememoreerd in een redevoering door kardinaal Schönborn. Aan het slot merkt een vrouw op dat het Amsterdamse Salto kanaal soms uitingen van katholiek leven te zien geeft, zoals een filmverslag van de onlangs weer ingevoerde Tridentijnse Mis. De pastoor eindigt met dat hij ooit een parochiaan hoorde zeggen: `Jezus is jood, maar gelukkig is zijn moeder katholiek’. Met een hartelijk lachen besluiten we deze morgen rond de sympathieke pastoor die ieder jaar Sinterklaas speelt voor de dak- en thuislozen van de stad. de voorzitter.
|
||||
| Terug | ||||