Home » Uncategorized » HET HEELAL, EEN ONTDEKKINGSREIS, 17 maart 2018

HET HEELAL, EEN ONTDEKKINGSREIS, 17 maart 2018

Dr. Alfred Driessen, emeritus hoogleraar van de Universiteit van Twente, natuurkundige en gelovige, houdt zich al geruime tijd bezig met filosofie en educatieve vorming. Hij neemt ons mee in de ruimte rondom onze Aarde om ons via het zonnestelsel binnen te voeren in het oneindige dat desondanks eindig is. Eindig zoals de tijd, want de tijd had een begin, en zal dus ook een einde hebben.

Bestaat God?  Daar is geen wetenschappelijk bewijs voor, hoewel Hij zich indirect  via de natuurwetten kenbaar maakt. We moeten evenwel de wetenschap strikt gescheiden houden van het Geloof. En we moeten bescheiden genoeg zijn om te beseffen dat wat we nu al weten over honderd jaar nog veel meer zal zijn. We worden op onze reis geconfronteerd met enorme astronomische getallen in een heelal van driehonderd miljard sterren. De wetenschappers gaan er momenteel vanuit dat het heelal veertien miljard jaar geleden is ontstaan. Hoe oud het ook is, het is niet eeuwig.

De Maan van ons zonnestelsel wordt aangetrokken door de Aarde en bevindt zich op een afstand van 380.000 km. Met een vliegtuig zouden we er 380 uur over doen om er te komen. De Zon is de dichtst bijzijnde ster, op een afstand van 16 jaar met een vliegtuig, of 8 minuten met het licht. We zien de Zon telkens zoals ie 8 minuten geleden was, want hij verandert voortdurend. De planeten Mercurius en Venus zijn heet; Mars, Jupiter, Saturnus, Uranus en Neptunus zijn kouder naar de mate van hun afstand van de Zon. Jupiter en Saturnus zijn heel groot, Uranus en Neptunus zijn klein, en Pluto wordt ook wel de dwergplaneet genoemd. Venus is de Morgenster en de Avondster, die wij gelovigen associëren met Maria als de Vrouw in Apocalyps die met de Zon is bekleed, de Maan onder haar voeten en een kroon van 12 sterren boven haar hoofd.

Onze “buren”, buiten ons zonnestelsel, zijn lichtjaren van ons verwijderd. De eerste vijftig sterren bevinden zich binnen een straal van 16 lichtjaren ver. Een ster is een wolk van moleculen, met vooral waterstof en helium, zoals de Zon. Explodeert een ster, dan ontstaat er een supernova die uit gaswolken bestaat en blijvend een neutronenster wordt. Daarnaast zijn er pulsars, ronddraaiende sterren (als een vuurtoren), bestaande uit een nucleus met een proton, neutron en elektron. Tussen sterren kunnen zich zwarte gaten voordoen. Daar is geen licht meer omdat de zwaartekracht te groot is, en de materie is er verdreven als in een draaikolk.

Onze Melkweg is een spiraalvormige nevel rond een centrum en bestaat uit 200.000.000.000 sterren met een doorsnee van 150.000 lichtjaar. Er zitten honderdduizend zonnen in en miljoenen zwarte gaten. Bij het meten van afstanden in lichtjaren moeten we ons realiseren dat we vanaf nu gemeten zien hoe het 20.000 jaar geleden was. De Melkweg heeft buren, bijvoorbeeld Andromeda, een lokale groep met een doorsnee van tien miljoen lichtjaren.  Andromeda is een nevel met 300 miljard sterren en een doorsnee van 250.000 lichtjaren.

Het licht is steeds langer onderweg, want de dingen verwijderen zich steeds meer van ons. De Belgische priester Georges Lemaître heeft in 1933 vastgesteld dat het heelal een uitdijend beginpunt heeft gehad, een dag zonder gisteren. Het heelal moet 10 tot 20 miljard jaren oud zijn. De hypothese van de oer-atoom, ook wel de Big Bang, wordt door de wetenschappers geaccepteerd, en stemt overeen met het godsdienstige idee dat er een begin was, een Fiat Lux. Dat begin kunnen we ons voorstellen als oerknal, als een vuurbol die snel explodeerde en geleidelijk afkoelde. Het begin valt samen met de Schepping, inclusief de mens. De leeftijd van het heelal is berekend op 13.7 miljard jaar. Vermeld moet nog worden dat er ook quasars zijn, afzonderlijke sterren, steeds moeilijker zichtbaar, met duizenden keren meer straling dan ons melkwegstelsel. Op 17 augustus 2017 werd in de Verenigde Staten en Italië een botsing van twee neutronensterren gemeten, waargenomen door zestig verschillende onderzoeksgroepen. Ruimte en Tijd bepalen het heelal. De Aarde begon ongeveer vier miljard jaar geleden.

Wat zegt de Bijbel? In het begin schiep God de onzichtbare Hemel en de zichtbare Aarde. In het Evangelie van Johannes lezen we: In het begin was het Woord, en het Woord was bij God. Het Woord is in het Grieks de Logos, wat rede of redelijkheid betekent. De schepping verliep dus redelijk, niet chaotisch. Paulus zegt dat wij de Schepper kunnen kennen door de schepping. In Efeziërs 1;4 lezen we dat ieder mens belangrijker is dan het hele heelal. En in Psalm 8 horen we dat de hemel de uitdrukking is van God.

de voorzitter