NIEUWSBRIEF NAJAAR 2006

   
         
 

   Voor wie het afgelopen jaar een of meer lezingen heeft gemist, volgen hier de samenvattingen.

 

   In januari opende pater Herman Brouwer, assumptionist, ons seizoen met de ge-schiedenis van de belangrijkste verschijningen van Maria over de afgelopen twee eeuwen. In 1830 begon het apocalyptische tijdvak met haar optreden in Parijs waar Zij het dogma van de Onbevlekte Ontvangenis aankondigde dat in 1854 zou worden afgekondigd om vier jaar later in Lourdes te worden bevestigd. Hoe beide verschijningen, alsook La Salette(1846), Pontmain(1870), Fatima(1917), Beauraing (1932) en Banneux(1933) samenhangen met Amsterdam (1945-1959) was het onderwerp van de lezing.

   Drs. Stefaan Waanders, directeur van de Radboudstichting, behandelde in februari de biografie van Romano Guardini, diens wereldbeschouwing en visie op Europa. In een tijd van toenemende verkokering van de wetenschappen, wilde Guardini de samenhang blijven zien. En op dit punt van het christelijk geloof bepleitte hij de betrokkenheid op de werkelijkheid van de wereld. In 1962 kreeg hij de Erasmus-prijs in Brussel, aanleiding om zijn bezorgdheid te uiten over de werking van de macht, de uitbating van de natuur en de verschraling van de cultuur. Guardini oefende als beschouwend zoeker aantrekkingskracht uit op de bekeerling Rob Landré. ‘Ervaring’ was vroeger geen gebruikelijk uitgangspunt, maar werd in de postconciliaire periode hoofdzaak. Ten onrechte; want gekoppeld aan het moderne denken raakte men daardoor los van God en de geopenbaarde waarheid. Guardini vond de religieuze werkelijkheid in het wezen der dingen en ontwikkelde een katholieke  wereldbeschouwing. Hoe zijn werk nog altijd leidraad kan zijn voor de katechese in onze tijd toonde drs. Landré ons in maart met overtuiging aan. De Kerk mag zich dan onmiskenbaar in een crisis bevinden, alleen zij bewaart het onvervalste Christusbeeld.

   Overschatting van de Wetenschap vormde de leidraad in de openbare les die Dr. Fred Hamburg voor onze academie gaf in de maand april. De leer van de waarschijnlijkheid en de berekening van het toeval hebben modellen gegenereerd die op hoger onderwijs instellingen een objectiviteit claimen die ze niet waarmaken. Dat geldt ook voor het evolutie-denken. Tegelijkertijd heeft de gigantische toename van informatie, via internet bijvoorbeeld, de chaos in het denken nog vergroot. De Kerk zegt dat elke theorie goed is, mits o.l.v. God. Dat standpunt acht Hamburg te defensief. De Kerk zou zelf theorieën kunnen toetsen om tot een oordeel te komen. Ervan uitgaan dat er aan het universum een plan ten grondslag ligt, dat de Voorzienigheid ons bestuurt, is niet alleen aannemelijk, maar wenselijker dan menen dat alles uit het niets is en van willekeur aan elkaar hangt, zoals de evolutionisten voorstaan.

   In de maand mei besloot Mgr. J.G.M. van Burgsteden, hulpbisschop van Haarlem, onze voorjaarscyclus met een uiteenzetting over het voornaamste sacrament. Uitgaande van de encyclieken van Paus Johannes Paulus II en van recente eucharistische congressen, benadrukte monseigneur het ‘offerkarakter’ naast het ‘maaltijd-aspect’. De Eucharistie, voortdurend actueel, heft ons boven tijd en ruimte uit; niet wij ontvangen Christus, maar Hij ( het grotere) ontvangt ons ( het kleinere), en door die ontvangst zijn wij verbonden met alle mensen.

De Eucharistie is het hoogtepunt van ons leven. 

Drs. R. Lemm, voorzitter.